SP– Artiest, Vakman
De Artisanale kernbehoeften houdt in de vrijheid te hebben om
zonder belemmering te handelen en een duidelijk resultaat van actie te
merken. Ambachtsmensen zijn prestatie en resultaat georiënteerd; ze
werken aan toegepast meesterschap met beide voeten op de grond. Ze
zijn handig, charmant, in het hier en nu, met liefde voor
improvisatie, besluitvaardig en streven naar maximale effectiviteit
bij alles wat ze doen. Ze haten saaiheid en verveling en houden graag
alle opties open.
SJ– Verzorger, Beschermer
De kernbehoeften van de Beschermer zijn structuur, groepslidmaatschap
en verantwoordelijkheid. Beschermers zijn logistiek georiënteerd; ze
zijn goed in het bedenken en volgen van regels, procedures, schema's
en dergelijke. Zij streven ernaar om tijdig voorbereid te zijn op wat
van hen verwacht kan worden en kunnen goed consolideren. Ze streven
naar ergens bij te horen, naar maatschappelijk correct gedrag,
gebaseerd op gedegen kennis. Ze vertrouwen op hiërarchische
ordeningen.
NF– Idealist
De kernbehoeften van de Idealist zijn de betekenis en het streven om
tot een hoger doel komen. Idealisten zijn diplomatiek ingesteld; zij
richten zich op mensen en zijn bezig met de diepere betekenis van hun
eigen en andermans denken, voelen en handelen. Hun kracht is
reflectief vermogen, bewustzijn en empathie. Ze willen dat iedereen
zich op ieders meest eigen manier kan ontwikkelen. Zij bouwen bruggen
tussen mensen door empathie en verduidelijking van diepere kwesties.
NT– Rationalist
De Rationele kernbehoeften zijn beheersing van concepten, kennis, en
bekwaamheid. Rationalisten willen de werkende principes van het heelal
begrijpen en theorieën voor alles leren of ontwikkelen. Rationalisten
zijn strategisch ingesteld; in kalmte overzien zij talloze
mogelijkheden op lange termijn, bepalen hun strategische doel en gaan
daar op de meest efficiënte wijze op af. Allergisch voor terugkerende
fouten, scheppers van de wetenschap, competente schakers in mentaal
complexe situaties.
Interactiestijl
Keirsey’s temperamenten zijn niet
eenduidig te relateren aan de indeling volgens Hippokrates, omdat het
gekozen uitgangspunt anders is. Keirsey noemde oorspronkelijk zijn
temperamenten naar de Griekse goden Dionysius, Apollo, Prometheus, en
Epimetheus.
Linda Berens gebruikt een vergelijkbaar systeem, waarbij de
interactiestijlen gebruikt worden om het temperament en cognitieve
dynamiek te koppelen. Deze Interactiestijlen zijn tevens groeperingen
van de 16 Myer-Briggs typen.
Dit model bouwt voort op het door Keirsey’s ontwikkelde
temperamentmodel en bijbehorende subcategorieën. Het is gebaseerd op de
observeerbare gedragspatronen, die vrijwel overeen komen met populaire
Sociale Stijl modellen en de DISC theorie van William Moulton Marston.
DISC staat voor de 4 basis gedragsstijlen: Dominant, Invloed,
Stabiliteit en Conformiteit.
De Interactiestijlen zijn aangeboren reactiepatronen, welke
gekarakteriseerd worden door een drang naar een bepaald doel als
onderliggende drijfveer. Deze interacties met anderen, speciaal wanneer
men een ander probeert te overtuigen, zijn waar te nemen als herkenbare
energiepatronen.
Het Interactiestijl-concept sluit nauw aan bij het begrip van de
Klassieke temperamenten met "Directing"en
"Informing" als waardige tegenhanger van Mens- of
Taakgerichtheid.
"Directing-Communicatie" heeft een Taakfocus en
"Informing-Communicatie" heeft een Mensgerichtheid.
De interactiestijlen worden als volgt bepaald en gedefinieerd:
Expressive/ Directing: "In-Charge" (= Leidend).
Reserved/ Directing: "Chart-the-Course" (= De koers
Uitzetten).
Expressive/ Informing: "Get-Things-Going" (= De zaken
op Gang Brengen).
Reserved/ Informing: "Behind-the-Scenes" (= Achter de
Schermen).
Berens koppelt Directing en Informing direct aan
Extraversie/Introversie, welke zij als "Initiating" en
"Responding" hernoemt. Deze schaal kan gedefinieerd worden
door T/F en J/P samen. Directing neigt naar T en J, terwijl Informing
neigt naar F en P. Dus elk van de vier types met een Directing stijl
heeft of een T en/of een J in de MBTI-codering.
De Informing typen hebben een F en/of een P in de MBTI-codering.
Als toevoeging op de E/I en Directing/Informing categorieën zijn er ook
diametrische tegengestelde stijlen; "Focus en Interest"
(Control/ Movement).
Directing versus Informing communicatie – De manier waarop we
beïnvloeden.
Initiating versus Responding rollen – De manier waarop we relaties
definiëren.
Control versus Movement focus – Waar de aandacht op gericht is bij
interactie.
Elke Interactiestijl heef tenminste één eigenschap met willekeurig
andere stijl gemeenschappelijk:
In-Charge & Behind-the- Scenes;
"Control": Gefocust op de controle over de uitkomst.
Chart-the-Course & Get-Things-Going;
"Movement": Gefocust op beweging richting doel.
Chart-the-Course en In-Charge;
"Directing": Structuur geven, Direct.
In-Charge & Get-Things-Going;
"Initiating": Externe wereld, Interactie.
Behind-the-Scenes & Get-Things-Going;
"Informing": Uitlokken, Input zoeken.
Chart-the-Course & Behind-the-Scenes; "Responding":
Interne wereld, Reflectie, Traag.
Het resultaat is dat elke van de vier interactiestijlen één van de 16
MBTI-persoonlijkheidstypen delen met één van de vier temperamenten van
Keirsey.
Linda Berens heeft de Keirsiaanse temperamenten (SP, SJ, NF, NT) om
praktische reden hernoemt tot: "Improvisator",
"Katalysator", "Stabilisator",
"Theoreticus".
Zij beschrijft deze temperamenten als het "Waarom" van
het gedrag, terwijl de interactiestijlen het "Hoe" vertegenwoordigen.
TEMPERAMENTS AND INTERACTION STYLES
Interaction Style
Catalyst (NF)
Theorist (NT)
Stabilizer (SJ)
Improviser (SP)
In Charge
(Choleric DISC - D)
Envisioner
Mentor
(ENFJ)Strategist
Mobilizer
(ENTJ)Implementor
Supervisor
(ESTJ)Promoter
Executor
(ESTP)Chart the Course
(Melancholic DISC - C)
Foreseer
Developer
(INFJ)Conceptualizer
Director
(INTJ)Planner
Inspector
(ISTJ)Analyzer
Operator
(ISTP)Get Things Going
(Sanguine DISC - I)
Discoverer
Advocate
(ENFP)Explorer
Inventor
(ENTP)Facilitator
Caretaker
(ESFJ)Motivator
Presenter
(ESFP)Behind the Scenes
(Phlegmatic DISC - S)
Harmonizer
Clarifier
(INFP)Designer
Theorizer
(INTP)Protector
Supporter
(ISFJ)Composer
Producer
(ISFP)

